Auti-club: Communicatie

Communiceren zo simpel en toch zo moeilijk tegelijk. Wat is communicatie nou eigenlijk en waar gaat het fout bij mensen met autisme?

Communicatie is het uitwisselen van informatie met elkaar. Dit kun je verbaal doen, bijvoorbeeld door te praten of non-verbaal door gebaren, gezichtsuitdrukkingen of geschreven tekst. Maar ook oogcontact, mimiek (blik in de ogen), houding (toegewend, afgewend, hangend, energie, open, gesloten), de verdere uitingen van het lichaam (blozen, zweten, tranen in de ogen krijgen, rillingen, beven, ook seksuele opwinding), toon (van spreken), het accent op de woorden bepaalt de betekenis (bijv. wat wil je nu?), het tempo (iets snel of langzaam doen kan véél betekenen), iets doen of iets laten (iets niet doen kan véél betekenen) tellen mee. Communicatie bestaat maar voor 7% uit woorden. Stem is 38% (toon, intonatie, tempo, pauzes, ademhaling) en maar liefst 55% is lichaamstaal (houding, gebaren, beweging met ogen).

Verbale en non-verbale vormen kunnen ook tegelijkertijd voorkomen. Dit maakt dat het voor ieder mens soms moeilijk is om te begrijpen wat een ander bedoelt.

Het communicatieproces

Zender en ontvanger

Communiceren is een proces waarbij de één informatie verzendt en de ander informatie ontvangt.

  1. Je hebt een idee, verwachting of gevoel.
  2. Je zendt dit in een bepaalde vorm naar de ander.
  3. De ander ontvangt de informatie die jij verzendt door het te horen.
  4. De ander begrijpt de informatie.

Miscommunicatie

Soms wordt informatie niet goed gezonden of ontvangen. Dan ontstaat er miscommunicatie. Ieder mens heeft hier wel eens last van, niet alleen mensen met autisme.

  1. Iemand heeft het warm omdat de verwarming te hoog staat (gevoel)
  2. Hij zendt dit non-verbaal naar de ander: hij heeft een rood hoofd en zweet.
  3. De ander ontvangt dit. Ze ziet: Hij heeft een rood hoofd en zweet.
  4. Ze denkt: Hij is zenuwachtig of heeft stress.

Communicatie en autisme

Wanneer je autisme hebt kun je het moeilijk vinden om te begrijpen wat anderen mensen bedoelen. Dit kan te maken hebben met woordbetekenissen, maar ook met de bedoelingen en achterliggende betekenissen. Ook de toon waarop iets gezegd wordt en gezichtsuitdrukkingen kunnen woorden een heel andere betekenis geven, waardoor er sneller miscommunicatie ontstaat.

Bij schriftelijke communicatie kun je geen informatie halen uit de situatie, toon of gezichtsuitdrukkingen. Je kunt deze informatie zelf ook niet meesturen met je boodschap. Dit kan je belemmeren bij vormen van communicatie die vooral zijn gebaseerd op geschreven taal, zoals whatsapp, brieven of e-mail. Het kan moeilijk zijn om tekstberichten van anderen goed te interpreteren of zelf een tekst op te stellen.

Bij mensen met autisme komt de boodschap het duidelijkst over als deze heel concreet is. Als de taal in de betreffende situatie niet de letterlijke betekenis heeft, heeft de persoon met autisme een probleem om deze te begrijpen. Bijvoorbeeld: “Dit oogt wel aardig!” Oogt? Kijkt het dan? Ook normaal tot hoogbegaafde mensen met autisme kunnen hier problemen mee hebben! Hiervan hoef je niets te merken als de persoon zichzelf heeft aangeleerd eerst te ‘decoderen’ en daarna pas te reageren (soms merk je wel een vertraagde reactie). Bedenk dus wel hoeveel energie dit kost! Het is dus gemakkelijker als je zegt wat je bedoelt en doet wat je zegt.

Hoe werkt dit bij jou? Ga na welke stellingen jij bij jezelf herkent. Wat voor mij ook verhelderend was, om te vragen aan iemand die mij goed kent welke zij bij mij herkende. Sommige dingen wist ik wel, maar er waren ook dingen waar ik me niet van bewust was.

  • Ik vind het moeilijk om een gesprek te beginnen.
  • Ik praat vaak over hetzelfde onderwerp.
  • Ik kan niet goed uitleggen wat ik voel of bedoel.
  • Ik begrijp niet altijd wat andere mensen bedoelen.
  • Ik neem uitspraken soms letterlijk.
  • Ik vertel een verhaal gedetailleerd.
  • Ik praat soms door andere mensen heen.
  • Ik schrijf niet graag een tekstbericht.
  • Groepsgesprekken vind ik lastig om te volgen.
  • Wisselen van gespreksonderwerp vind ik lastig.
  • Ik kan me niet goed concentreren op wat iemand zegt.
  • Ik ben merendeel van een gesprek zelf aan het woord.
  • Soms begrijp ik een tekstbericht niet.
  • Ik weet niet goed hoe ik moet invoegen in een gesprek.

Er werd ons gevraagd wat we herkende en of er situaties zijn waarin we ervaren dat de communicatie niet soepel verloopt. Bij mij waren dat er meer dan ik van te voren dacht. Ik praat graag, dus dacht dat mijn communicatie wel in orde was. Maar ik had 8 stellingen aangevinkt. o.a. Ik begrijp niet altijd wat andere mensen bedoelen. Ik kreeg het advies en geef jullie nu hetzelfde: vragen! Loop je vast, snap je iets niet, raak je er onzeker van, vraag wat diegene bedoeld. Ik vertel ook verhalen veel te gedetailleerd en praat regelmatig door mensen heen. Probeer als je het door hebt van jezelf jezelf te stoppen.

Het is niet alleen maar lastig. Je kan ook hele sterke punten hebben in je communicatie. Bijvoorbeeld je kan duidelijk zijn in wat je bedoeld, je kunt goed luisteren, je hebt een grote woordenschat, praten gaat je gemakkelijk af en het gebruik van humor. Voor mij tellen de laatste 2. Vond ik toch wel fijn om ook sterke kanten te hebben aangezien ik zoveel stellingen had aangevinkt.

10 autismevriendelijke communicatietips

Er wordt vaak van mensen met autisme verwacht dat zij hun communicatiestijl aanpassen aan de situatie en aan anderen. Je kan het natuurlijk ook omdraaien. In een gelijkwaardig gesprek is er uiteraard tweerichtingsverkeer en getuigt het van respect als mensen zonder autisme de mensen met autisme tegemoet komen. Deze tips kunnen daarbij helpen.

  1. Gebruik korte, direct, en helder geformuleerde zinnen.
    Mensen met autisme hebben het vaak moeilijk om de essentie uit lange, ingewikkelde zinnen te halen. Door kort en bondige zinnen te gebruiken verklein je de kans dat ze zich in details verliezen. Dit lijkt misschien streng of onvriendelijk, maar is duidelijk en autismevriendelijk.
  2. Wees expliciet en volledig.
    Zeg wat je bedoelt, ook al lijkt het té vanzelfsprekend. Mensen met autisme hebben veel baat bij structuur en voorspelbaarheid. Vermijd dus ‘zo meteen’ en ga voor ‘binnen vijf minuten’. Maak ook je vragen concreet en expliciet.
  3. Verwoord je boodschap positief.
    Vertel wat wél gebeurt, niet wat niét gebeurt.
  4. Vermijd figuurlijk en dubbelzinnig taalgebruik.
    Mensen met autisme nemen taal vaak letterlijk. Grapjes en sarcastische opmerkingen worden niet altijd goed begrepen. Zeg precies wat je bedoelt, dat doen mensen met autisme ook.
  5. Zorg ervoor dat jouw verbale en non-verbale boodschap elkaar niet tegenspreken.
    “Ja” zeggen en tegelijkertijd je hoofd schudden geeft een verwarrend signaal.
  6. Ondersteun je boodschap met visuele informatie.
    Bijvoorbeeld geschreven woorden, een schema, picto’s, tekeningen, foto’s, voorwerpen.
  7. Vertraag je communicatiesnelheid en geef bedenktijd.
    Laat gerust wat stilte vallen tussen je zinnen en vragen. Dankzij die ademruimte zal jouw gesprekpartner de informatie vlotter verwerken. Indien er na een tijdje geen reactie volgt, herhaal dan gerust letterlijk je boodschap. Dit zal niet als beledigend worden ervaren. Vermijd betuttelende taal en stel één vraag tegelijk.
  8. Vermijd aanrakingen en dwing niet om je aan te kijken.
    Mensen met autisme zijn vaak over- of ondergevoelig voor zintuiglijke prikkels.
  9. Zorg voor rust in het gesprek.
    Door een rustige, prikkelarme omgeving als ‘gesprekdecor’, kan jouw gesprekpartner zich beter concenteren. Belangrijke en onbelangrijke informatie kunnen beter van elkaar worden onderscheiden. Gewone geluiden en visuele prikkels kunnen mensen met autisme sterk afleidingen of storen. Ze ervaren hierdoor vaak bovengemiddeld veel stress.
  10. Stem regelmatig af met jouw gesprekspartner of de boodschap duidelijk over is gekomen. Een emotionele reactie is vaak een reactie op beangstigende of verwarrende communicatie en ervaringen en dus niet persoonlijk bedoeld. Toon begrip voor hun reactie.

Ik hoop dat dit weer wat duidelijkheid geeft over autisme. In mijn vorige blogs vertelde ik over informatieverwerking en prikkelverwerking bij mensen met de autismespectrumstoornis. Ik hoop met het schrijven van deze blogs mensen te leren wat autisme nou echt is om zo van het stereotype beeld af te komen. Tot de volgende keer, dan gaan we het hebben over sociale situaties.

Liefs, Sjantje

4 gedachtes over “Auti-club: Communicatie

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.